Mijmeringen en vriendschappen

Door: Ed Staats

Mijmeringen over iets meer dan 35 jaar lidmaatschap van onze vereniging… minder dan de helft van het aantal jaren dat onze vereniging bestaat. Het 75-jarig bestaan van onze Vogelbeschermingswacht "Zaanstreek", dat is een mensenleven lang: driekwart eeuw, waarmee het bestaansrecht om op te komen voor de Zaanse natuur en vogels wel is bewezen. En onze inspanningen zijn nog altijd noodzakelijk, alleen al als je kijkt naar allerlei infrastructurele plannen.

Ed Staats op Vlieland

Ed op Vlieland (Foto:Cees Kaat)

Sinds 1980 ben ik lid, geïnteresseerd geraakt in de natuur, en met name in de vogels, door de NJN (de Nederlandse Jeugdbond voor Natuurstudie). Veel van mijn leeftijdsgenoten – die nu begin zestig zullen zijn – zijn daarvan lid geweest. Ja, de Jeugdbond, daarvan mocht je tot je 23ste lid zijn.
De jaren tachtig: de onzalige plannen van de gemeente Zaanstad (die in 1974 ontstond uit de fusie van zevengemeenten) om uit te groeien tot een stad met een kwartmiljoen inwoners, waren net van de baan, met name door de acties die diverse Zaanse natuurorganisaties, waaronder de vogelwacht, hadden gevoerd.

Natuurbescherminsplan Zaanstreek 1970

Acties tegen groteske plannen

In 1970 werd door deze organisaties een Natuurbeschermingsplan voor de Zaanstreek opgesteld.
In dat jaar was de fusie tussen de Zaangemeenten reeds het gesprek van de dag en veel Zaanse natuurbeschermers kwamen tegen de groteske plannen van de bestuurders in het geweer: de nieuw gevormde gemeente Zaanstad moest in de vaart der volkeren worden opgestoten en uitgroeien naar minimaal 250.000 inwoners. Het Guisveld zou het centrum moeten worden van deze agglomeratie, met veel industrie, woonwijken en infrastructuur. Vandaar dat het gemeentehuis vele jaren aan de Bannehof in de Zaandijkse wijk Rooswijk heeft gestaan.
Uiteindelijk zijn de acties om de unieke veenweidegebieden met de prachtige flora en fauna te behouden, grotendeels succesvol geweest. Natuurlijk zijn er – als compromis – veenweidegebieden opgeofferd aan woningbouw, waarbij we mogen denken aan Westerwatering, Westerkoog, het Hoornseveld, het Peldersveld, Poelenburg, Het Kalf, Rooswijk.
Inmiddels telt de gemeente Zaanstad 154.000 inwoners (peildatum: april 2017), héél wat maar lang nog geen 250.000…

Prachtige vaartochten

Zelf heb ik van die acties niet veel mee gekregen: ik was meer geïnteresseerd in het herkennen van vogels, ook al omdat ik vanaf die begin jaren veelvuldig met mijn bootje door het Oostzanerveld voer. Ik was woonachtig in het Kogerveld, óók zo'n uitbreidingswijk uit de jaren 60, en mijn vader en ik bezaten een bootje dat aan een van de steigers van de Stichting Beheer Aanlegsteigers Kogerveld, de SBAK, in de Noordervaldeursloot lag. De SBAK was een stichting voor de verhuur van ligplaatsen op niet-commerciële basis, een stichting die we zelf hebben opgericht. De 200 aanlegsteigers voor kleine boten hebben we samen met andere wijkbewoners gemaakt.
We maakten prachtige vaartochten in het Jagersveld en het Oostzanerveld, eerst nog met een ijzeren roeiboot van een botenbouwer aan de Braakdijksloot, later met een prachtige Koo-boot van Koopmans, de botenbouwer aan het Hollandse Pad bij Verkade, en weer wat later een polyester Zweedse boot.

Wij gaan ook mee!

Maar ja, hoe herken je al die vogels die je – onder andere – tijdens je vaartochten tegenkwam?
Veel in veldgidsen kijken en "studeren", maar nóg beter: met de kenners op pad gaan. En waar zaten die kenners? Juist, bij de Vogelbeschermingswacht!
Mijn vader werd donateur, ik werd lid. Hoe dat kwam? Gerrit Wiepjes, mijn vriend uit die tijd (en trouwens nog steeds) was van zeer jongs af aan lid van de vogelwacht en hij maakte ons enthousiast voor de vogels en de natuur, onder andere door samen met ons de grote lezingen te bezoeken. In De Grutter viel het oog van Gerrit op de aankondiging van een (roof)vogelexcursie naar Zuid-Zweden, in september 1982. Hij belde mij daarover op, maar kreeg mijn vader aan de telefoon. Die zei meteen: "Dan worden we lid en gaan wij ook mee!"
Roofvogels waren in die tijd door het gebruik van landbouwgiffen als DDT, alsmede door de jacht op deze vermeende rovers, erg schaars en Gerrit wilde graag roofvogels zien omdat hij die nooit eerder (goed) had waargenomen.
Zo herinner ik mij als de dag van gisteren onze eerste meerdaagse excursie naar Falsterbo in Zuid-Zweden, om de vogeltrek te bekijken. Organisator was Wim Stam, die in die tijd veel buitenlandse excursies voor onze vereniging organiseerde. Samen met doorgewinterde vogelaars togen wij nieuwelingen, mijn vader, mijn vriend Gerrit Wiepjes en ik, op stap naar Zweden. Villa Astrid was ons legendarische onderkomen voor zeven dagen.

Luchtfoto Falsterbo

Falsterbo was onze eerste buitenlandse vogelreisbestemming met de Vogelwacht (foto: internet)

KP'tjes kijken in korte broek

Die oude rotten konden ons dus wel 't één en ander leren over vogels of zoals Arie Klut altijd zegt: "Die zien er in het veld toch even iets anders uit dan in de boekjes."
"Ome" – want je keek tegen hem op – Frans Sjollema, Dirk Uitslager, Cees van Velzen en Wim Stam zelf zijn enkele van die illustere namen. Frans met een echte groene vogeljas aan en altijd zijn verrekijker bij de hand. Dirk met zijn alpinopet op. Elke ochtend liepen we voor het ontbijt naar "de punt" van Falsterbo bij de golfbaan – nee, Frans deed dat niet om te gaan golfen in zijn geruite knickerbockerbroek – om de immense trek van kleine pietjes, KP'tjes in het vakjargon, te bekijken. Dirk had als "geharde" vogelaar zelfs tijdens één van de eerste ochtenden in de vrieskou een korte broek aangetrokken, maar dat bekwam hem slecht: de volgende dag had hij blaasontsteking…
Na het gezamenlijke ontbijt kwam de roofvogeltrek op gang: nog nooit zoveel roofvogels gezien en zo snel geleerd om ze te herkenning. Zo herinner ik me mijn eerste visarend die op het dak van de friettent zat, midden in Falsterbo. (In het Zweeds noemen ze zo'n frietkraam een Gatukok, vertaald de straatkeuken.) Tegen mijn vader en mij zeiden de heren: "Gaan jullie maar even sperwers tellen op het open stukje in de duintjes, aan de voorkant bij Villa Astrid", waarbij ze beiden tegelijkertijd op een overvliegend exemplaar wezen. "Zó zien die eruit."
En wij telden in één uur tijd… 400(!) overvliegende sperwers. Prachtig, en onvergetelijk natuurlijk: een vliegende sperwer herken ik nu meteen uit duizenden.

Sperwer plek in Falsterbo

De open plek bij Villa Astrid waar we sperwers hebben leren herkennen (foto: internet)

Knippie

Mooie herinneringen, vooral van je eerste kennismakingen met nieuwe soorten.
Oké, nog één anekdote dan.
In de middag maakten we vaak eventjes met de auto een ritje naar het binnenland omdat de vogeltrek aan de kust dan was afgenomen. In die tijd stond het meer van Börringe, op drie kwartier rijden van Falsterbo, bekend als slaapplaats van kraanvogels. En die had ik nog nooit gezien; díe imposante vogels wilden wij als nieuwelingen ook wel eens bekijken.
Tijdens de rit door het glooiende landschap rond het meer maakten we een plotselinge stop. Daar, in een akker langs een bosrand, stond een grote groep van deze fraaie vogels. Groot was het enthousiasme bij het zien van onze eerste kraanvogels!
Ik kom nog regelmatig in Zuid-Zweden, dikwijls ook langs die plek die ik mij altijd zal blijven herinneren.
Cees van Velzen, ook wel "Knippie-Cees" genoemd vanwege zijn grote hobby, de fotografie van vogels en de natuur, sloop langs de bosrand om dichterbij te komen voor wat knippies en… wég vlogen de schuwe kranen. 's Avonds, in de schemer, werd dit spektakel nog overtroffen: de kraanvogels vlogen vanaf de omliggende akkers naar het ondiepe water van het Börringesjön (sjön is meer) om daar uit veiligheid de nacht door te brengen. We keken onze ogen uit, in de schemering met de ondergaande zon, met dat prachtige geluid als deze grote groepen vogels naar hun slaapplaats vliegen. Onvergetelijke momenten die altijd in mijn geheugen gegrift zullen blijven!

Kraanvogel

Onvergetelijk is het zien van je eerste kraanvogels (foto: ©Joke Stuurman)

De beste leermeester

En wat dacht u van de honderden rode wouwen die we elke dag boven de glooiende akkers zagen zweven? Prachtige herinneringen, niet alleen aan de vogels, maar ook aan de kennisoverdracht aan ons, jonkies, door deze ervaren vogelaars!
Wij waren nu voorgoed vogelaars geworden, dankzij deze en andere excursies die we in die tijd mochten meemaken. De praktijk blijkt de beste leermeester.
En al die oude rotten waren nooit te beroerd om je het nodige te leren over onze gevleugelde vrienden. Daarvoor ben ik ze nog altijd dankbaar.

Een schot in de roos!

En 't bleef niet alleen bij vogels kijken, we wilden tevens iets doen voor de Zaanse natuur en de vogels en het uitdragen van die beschermingsgedachte bracht mijn vader in 1991, toen nog als donateur, naar een ledenvergadering. Dat mocht eigenlijk niet, een ledenvergadering wass bedoeld voor leden, maar tsja, je kon eigenlijk niet om mijn vader heen. Hij vroeg en kreeg het woord en uitte wat kritische opmerkingen over de toenmalige pers- en propaganda-activiteiten van de vereniging. In zijn ogen gebeurde werd daar te weinig aan gedaan; vanwege de successen in de jaren 70 en 80 leek de vereniging op dat gebied een beetje ingedommeld: bij natuurbescherming kun je eigenlijk nooit lekker achterover leunen, zo blijkt telkens weer.
De reactie vanuit de ledenvergadering was destijds: kritiek leveren is één, er iets aan doen is twee. Mijn vader, niet voor één gat te vangen, meldde dat hij in deze zaak al het nodige had gedaan. Achter de schermen had hij diverse mensen benaderd om een (nieuwe) Pers en Propaganda Commissie op te richten, die tevens het verenigingsblad De Grutter zou overnemen. De toenmalige redactie (die mooie bladen uitgaf), waaronder Wiebe v.d. Honing en Piet Benjamin, had eerder al te kennen gegeven te willen stoppen. Zij hadden ons verenigingsorgaan al vele jaren gemaakt en bovendien ging Wiebe met de VUT bij de drukkerij waar hij werkte.
Zo ging in 1991 een nieuwe commissie van start, met allerlei publicitaire plannen waaronder het starten van een vogelcursus voor beginners. En juist die vogelcursus bleek een schot in de roos!

Enthousiast en kundig

De vogelcursus wordt sedert 1992 gegeven. In dat eerste jaar liep het storm met de aanmeldingen: voorzichtig hadden we gehoopt op één volle cursus, maar er kwamen 120 aanmeldingen binnen, terwijl wij met onze voorbereidingen op één cursus gerekend hadden. Goede raad was duur, maar 90 mensen waren gelukkig bereid om een jaar op de wachtlijst te staan. In 1993 werden dan ook drie cursusgroepen geformeerd, met, in de periode van januari t/m mei, in totaal 21 cursusavonden en 15 excursies. Met louter tevreden mensen, en dat geldt – voor de huidige cursussen – tot op de dag van vandaag, niet in de laatste plaats door de uitermate enthousiaste en kundige sprekers op de cursusavonden.
Het resultaat: meer dan 900 deelnemers in ruim 30 groepen en in 2018 voor het 27ste jaar in successie!

Super vormgegeven!

Uiteindelijk heeft de vogelcursus geleid tot een grote aanwas aan leden, niet alleen van sympathisanten, maar ook van mensen die het nodige hebben betekend (en nog altijd betekenen!) voor de vereniging. Menig bestuurslid en tal van werkgroepleden komen uit de vogelcursus voort.
Rond 1990 bedroeg het ledenaantal een kleine 200, nu een kleine 500.
Naast de zeer succesvolle vogelcursus, was en is de PPC met meer zaken bezig, waarbij te denken valt aan het regelmatig opstellen van foto-exposities met prachtige natuur- en vogelfoto's van onze leden – een indrukwekkende collectie vogel- en natuurfoto's, in wissellijsten, is voorhanden –, publicaties via persberichten, het vervaardigen van wervingsfolders, posters, spanbandschermen, uitrolbanners en last but not least het aanwezig zijn met een informatie- en verkoopkraam tijdens vele natuurevenementen.
Naast het organiseren val deze activiteiten werd de PPC tevens verantwoordelijk voor het uitgeven van De Grutter, het cluborgaan dat in later jaren werd omgedoopt tot De Kieft, ten behoeve van de leden, én voor de Kieftenpul, voor onze donateurs.
Meerdere redactieleden hebben zich in de loop der jaren tot een ieders grote tevredenheid met deze verenigingsorganen bezig gehouden: Roel Staats, Luuk Plekker, José Crombach, Emmy de Vries, Jan Belier en vandaag de dag Cor van Dongen en mijn persoontje. De komst van onze supervormgever Martin Nooij gaf een grote impuls aan het blad, naast de mogelijkheden van de nieuwe digitale printtechnieken.
In de loop der jaren zijn er telkens weer schitterende verenigingsorganen uitgegeven, van Wiek en Sneb (ons eerste blad), via De Grutter, tot aan de huidige Kieft.

Spanbandscherm Weidevogels

Fraaie spanbandschermen dankzij supervormgever Martin Nooij (foto: ©Guda Floris)

Jubileumgeschenk-in-natura

In de afgelopen 25 jaar was de PPC-werkgroep eveneens betrokken bij al onze jubileumvieringen (die om de vijf jaar werden georganiseerd), met als locaties buurtcentrum De Poelenburcht, zalencentrum De Bres, De Poelboerderij en het Fort bij Krommeniedijk.
Het 50-jarig jubileum in 1993 werd een extra groot evenement… en daar hoorde een groots jubileumcadeau bij. Hans Achthoven en mijn vader bedachten een geschenk: een oeverzwaluwwand in Het Twiske, om de begin jaren tachtig verdwenen oeverzwaluw als broedvogel terug te laten keren naar de Zaanstreek.

Oeverzwaluwwand in het Twiske

De oeverzwaluwwand in Het Twiske (foto: ©Guda Floris)

Gemakkelijk gezegd, niet zo gemakkelijk gedaan: besprekingen voeren over het idee, met Bert Oosterga en Dick Wals van Het Twiske, vergunningen regelen, kostenberekeningen maken, een aannemer zoeken en geld inzamelen. Uiteindelijk werd alles geregeld tot en met een sponsoractie met bijdrages van diverse lokale bedrijven, een actie bij onze eigen donateurs en leden en inbreng van onze eigen verenging, acties die een totaal bedrag van 50.000 gulden bijeenbrachten. Daarmee kon de broedwand in de winter van 1993/1994 worden gerealiseerd.
De oeverzwaluwwand werd een succes. Na drie jaar leegstand van 1994 t/m 1996 is de wand vanaf 1997 (op twee jaar na) telkens bezet geweest met een mooi aantal broedparen. De oeverzwaluw was terug als broedvogel in de Zaanstreek. Een fraai succes!

Een vervolg op de oeverzwaluwsuccesstory was de (uiteindelijke) realisatie door Rijkswaterstaat van de prachtige oeverzwaluwwand in het natuurproject Buitenhuizen. De aanleg van deze wand, eveneens een idee van ons, was vrijwel direct succesvol als we naar het aantal paren kijken dat in het tweede jaar na de totstandkoming tot broeden kwam.

Gezellig op pad

In de eerste periode van de nieuwe PPC gaven diverse werkgroepleden maandelijkse dia-lezingen op zondagmiddag in het opengestelde Heimansmuseum in Zaandam. Daar kon het publiek de collectie opgezette vogels van de vogelwacht bekijken, informatie krijgen en een (vogel)lezing bijwonen van onder anderen de al genoemde Cees van Velzen, Luuk Plekker, Roel en Ed Staats en Joke Stuurman. Uiteraard werd meteen reclame gemaakt voor onze vereniging en draagvlak gecreëerd voor natuurbescherming in de Zaanstreek.

Meedoen met tellingen, zowel broedvogels als met de wintertellingen, geeft eveneens veel voldoening. Zo leer je de vogels steeds beter herkennen, maar je werkt ook mee aan reeksen waarmee de ontwikkelingen van de vogelstand in de Zaanstreek te volgen zijn. Bovendien is het altijd gezellig om samen met een andere vogelaar op pad te zijn.

Wintertellers in actie

Wintertellingen zijn altijd interessant en gezellig (foto: ©Guda Floris)

Vriendschappen

Het lidmaatschap van mijn vader en mij heeft voor ons niet alleen veel vrijwilligerswerk met zich meegebracht, maar ook prachtige contacten en vriendschappen opgeleverd. (Vogel)vrienden voor het leven, waarmee ik heel wat mooie avonturen en vogelreisjes heb beleefd, zowel naar het buitenland als in Nederland. Reizen die je niet gauw zal vergeten, naar Scandinavië, Polen, Lesbos, de Ebrodelta, de Pyreneeën en de Extremadura in Spanje, de Schotse Shetland Eilanden, IJsland, Hongarije en Gambia. Stuk voor stuk allemaal prachtige ervaringen, altijd gezellig en met mooie natuur en veel vogels.

Posthuis op Vlieland

Maar ook, een stukje dichter bij huis, mijn eerste Vlielandexcursie in 1983 zal ik nooit vergeten. Indertijd nog naar Het Posthuis met de oude rotten waaronder (naast de eerder genoemde mensen) onder anderen Bob van Duin, Piet Kan, Bert Bark, Martien Roos, Jaap Zijp, Gerrit Bochem, Cees Kaat, Foeke Wagenaar, Wiebe v.d. Honing en Dick Dekker.
Tjee, wat heb ik toen een hoop geleerd op het gebied van de herkenning van vogels, en de conclusie moge duidelijk zijn: vogelen brengt mensen bij elkaar, iets dat in die voorbije 35 jaar in ruime mate heb mogen ervaren!

Waarneming noteren tijdens excursie

Er valt tijdens een excursie altijd wat te zien en te noteren (foto: ©Cees Kaat)

Ed Staats met vogelvrienden

Het is mooi om samen met je (vogel)vrienden op pad te gaan en te genieten (foto: ©Guda Floris)

Tot slot wil ik onze vereniging feliciteren met het 75-jarig jubileum, een mijlpaal in het bestaan van de vogelwacht. Het bestaansrecht heeft zich in al die tijd zeker bewezen en zal zich in de toekomst ook wel blijven bewijzen. Op naar het 100-jarig bestaan!