Geweldige impuls voor waterrijke natuur

Datum: 06-07-2013
Bron: Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer

De natuur in zeven waterrijke natuurgebieden van Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer krijgt een geweldige impuls. Verschillende overheden hebben 13,5 miljoen euro beschikbaar gesteld om de leefomstandigheden voor zeldzame planten en dieren te verbeteren. De grootste bijdrage (4,2 miljoen) komt uit het 'LIFE+Nature'-budget van de Europese Unie. Naast de Europese Commissie leveren ook het ministerie van Economische Zaken, de provincies Noord-Holland, Zuid-Holland, Overijssel en Utrecht en het waterschap Amstel, Gooi en Vecht belangrijke financiële bijdragen.

Het project start 1 juli en loopt tot eind 2018. De uitvoering in het veld start vanaf 2014.

Zeven laagveengebieden

Het project heeft betrekking op zes gebieden van Natuurmonumenten: Oostelijke Vechtplassen, De Wieden, Botshol, Naardermeer en Nieuwkoopse Plassen & De Haeck en het Wormer- en Jisperveld en op twee gebieden van Staatsbosbeheer: de Rottige Meenthe & Brandemeer en het zuidelijke deel van de Oostelijke Vechtplassen. Met de maatregelen worden de omstandigheden voor flora en fauna hersteld die van oudsher thuishoren in het laagveengebied. Denk hierbij aan karakteristieke open wateren met kranswieren, krabbenscheer en fonteinkruiden, maar ook trilvenen en blauwgraslanden en soorten als grote vuurvlinder, Noorse woelmuis en gevlekte witsnuitlibel. Ook verscheidene moerasvogelsoorten zoals zwarte stern, grote karekiet, rietzanger, snor en purperreiger profiteren van het herstel.

Maatregelen

Om de gebieden te herstellen tot laagveen worden bossen en houtopslag in veenmosrietlanden, galigaanmoeras en trilvenen verwijderd. Verzuurd rietland wordt geplagd en petgaten worden gegraven. Dit is noodzakelijk om het veenlandschap te verjongen, zodat het voor laagveengebied kenmerkende proces van verlanding kan blijven doorgaan. Naast werkzaamheden 'op het land' worden ook 'natte' maatregelen genomen, namelijk baggeren en omleggen van watergangen. Zo wordt de waterkwaliteit verbeterd. In de gebieden wordt nauw samengewerkt met partners zoals provincies en gemeenten.